Informatie over autisme

NLD, wat is het?

Het syndroom van Nonverbal Learning Disorders (NLD) is een neurologische stoornis die zijn oorsprong vindt in de rechter hemisfeer van de hersenen. De verwerking van non-verbale informatie of feedback over de prestaties die geleverd worden en vanuit deze hersenhelft worden aangestuurd, is in verschillende mate verstoord, waardoor problemen ontstaan op het gebied van visueel-ruimtelijke, intuïtieve, organisatorische, evaluatieve, en samenhang brengende functies.

Neuropsychologie
Het denk- en onderzoekskader van NLD is de neuropsychologie zoals de (kinder- en jeugd-) psychiatrie bij autisme. De symptomen die bij NLD worden waargenomen komen grotendeels overeen met de symptomen bij hoogfunctionerende kinderen met een stoornis in het autistisch spectrum (waaronder Asperger) (Roeyers, 2002). Volgens van der Gaag zou zelfs 90% van de kinderen die door de neuropsycholoog zijn gediagnosticeerd als NLD leiden aan het syndroom van Asperger. Het is opvallend dat het NLD-concept vooral binnen de neuropsychologie is ontwikkeld. Sinds kort kijkt men ook over de grenzen van het eigen vakgebied heen, en stelt men zich de vraag of men mogelijk vanuit verschillende vakgebieden (gedeeltelijk) naar dezelfde kinderen kijkt. Met betrekking tot de diagnostiek pleiten zowel het ontwikkelingsgerichte competentiemodel als de dimensionele benaderingswijze (die de diverse ontwikkelingsstoornissen als gelegen op een spectrum zien (Minderaa, Verhey) binnen de kinder- en jeugdpsychiatrie (zie ook hiervoor) voor interdisciplinaire samenwerking: beide vakgebieden zouden hieraan een belangrijke bijdrage kunnen leveren. Juist de inbreng van neuropsychologen bij de diagnostiek bij autisme zou het beeld van de leerling met autisme verder kunnen verfijnen en handvatten geven voor de handelingsplannen! Veel van wat hieronder voor leerlingen met NLD staat beschreven geldt ook voor leerlingen met autisme.

NLD heeft een aantal specifieke sterke vaardigheden en tekorten

Sterke vaardigheden

  • Vroegtijdige ontwikkeling van de spraak en de woordenschat
  • Opmerkelijk sterk geheugen
  • Scherp oog voor details
  • Vroegtijdige ontwikkeling van leesvaardigheden en uitstekende  spellingsvaardigheden
  • Welsprekendheid
  • Sterk auditief geheugen

Tekorten

  • Motoriek: problemen met coördinatie, evenwicht en fijne motoriek (schrijven).
  • Visueel, ruimtelijk, en organisatorisch: gebrek aan verbeelding (moeite met visualiseren), zwak visueel geheugen, gebrekkige ruimtelijke waarneming, en moeite met ruimtelijke relaties.
  • Sociaal: onvermogen om non-verbale communicatie te begrijpen, moeite zich aan te passen aan overgangen en nieuwe situaties, en tekorten in sociaal oordeel.




NLD komt in verschillende gradaties voor: Ieder kind met NLD is uniek en het klinisch, pedagogisch beeld en het gedrag kunnen dan ook per kind verschillend zijn. Voor de behandeling van kinderen met NLD bestaan vele vormen van therapie. Hun wereld is gevuld met voor hen verwarrende, zintuiglijke stimuli. Sommigen hebben als gevolg van een algehele lage spierspanning problemen met het uithoudingsvermogen. Anderen hebben ondersteuning nodig bij cognitieve en organisatorische vaardigheden, bij de ontwikkeling van motorische vaardigheden en bij praktische en sociale vaardigheden.

Kinderen met NLD hebben een sterk verbaal en auditief geheugen. Hoewel sommige kinderen snel leren lezen en een grote woordenschat hebben, hebben leerlingen met NLD toch een taalprobleem. Hun technische taalvaardigheden zijn weliswaar goed, maar in het dagelijks taalgebruik hebben ze moeite met de toon, het trekken van conclusies, geschreven uitdrukkingen, gezichtsuitdrukkingen, gebaren, en andere aspecten bij het toepassen de taal in de juiste context.

Leerlingen met NLD hebben moeite met het begrijpen van patronen en kolommen met getallen. Verbale instructies kunnen problemen opleveren omdat ze moeite hebben met het visualiseren van opeenvolgende aanwijzingen en omdat ze een slecht visueel geheugen hebben. Bij een kind met NLD kan ook de coördinatie verstoord zijn, hetgeen kan leiden tot onhandigheid, een slecht evenwicht en een neiging tot vallen.
Veel kinderen met NLD schatten hun veiligheid verkeerd in.

Sterke kanten leerlingen met NLD

  • Technisch lezen
  • Spelling
  • Woordenschat
  • Uit het hoofd leren

Zwakke kanten leerlingen met NLD

  • Organisatorisch vermogen
  • Studeervaardigheden
  • Geschreven teksten
  • Samenvattingen maken
  • Conceptueel denken
  • Discriminatie van attributen
  • Abstract denken
  • Probleemoplossingvaardigheden
  • Sociale vaardigheden
  • Interpersoonlijke communicatie

NLD is een syndroom met sterke vaardigheden en tekorten. Deze sterke en zwakke punten zijn voor ieder kind met NLD verschillend en komen ook in verschillende gradaties voor. De meeste kinderen met de diagnose NLD hebben echter wel de (relatieve) tekorten op het gebied van sociale waarneming, visueel ruimtelijke vermogens, technisch rekenen met goed ontwikkelde verbale vaardigheden en een technisch goed geheugen als gemeenschappelijk kenmerk.

Ook bij NLD geldt: Een vroegtijdige interventie is bevorderlijk voor de prognose

Tips voor leerlingen met NLD

  • De omgeving is de belangrijkste bron van ondersteuning voor kinderen met NLD. Als de situatie op school en thuis positief, veilig en voorspelbaar is kunnen kinderen met NLD uitgroeien tot onafhankelijke en productieve volwassenen. (NLDA, 2004)   Onderschat de ernst van de afwijking niet.
  • Zorg voor een (ook fysiek en emotioneel) veilige omgeving voor het kind.
  • Hou het voor de leerling overzichtelijk en beperk het aantal volwassenen dat met het kind werkt.
  • Forceer geen onafhankelijkheid.
  • Voorkom machtsstrijd, kritiek, straf en dreiging; probeer de oorzaak van het probleem te achterhalen.
  • Sluit aan bij de interesses en sterke kanten van het kind.
  • Verwachtingen dienen mondeling expliciet kenbaar gemaakt te worden (een NLD-er kan niet tussen de regels door lezen).
  • Leg gezegdes en uitdrukkingen uit.
  • Coach de leerling dagelijks bij het organiseren van zijn werk.
  • Informatie dient zoveel mogelijk mondeling en helder te worden gegeven, waarbij (mondeling) moet worden nagegaan of de leerling de informatie heeft begrepen.
  • Instrueer op een logische manier en laat de leerling de instructies mondeling herhalen.
  • Beperk de visuele stimuli.
  • Plaats het kind in een groep met kinderen die als voorbeeld kunnen dienen.
  • Pas testen, toetsen en beoordelingsmethodieken aan het kind aan.
  • Voorkom dat de leerling een toets of test onder tijdsdruk moet maken.
  • Geef het kind extra tijd voor het maken van opdrachten.
  • Leer mondeling wat andere kinderen intuïtief of door observatie leren.
  • Vermijd opdrachten die uitsluitend het kopiëren van tekst zijn.
  • Hanteer duidelijke en overzichtelijke schema’s en een heldere klassenroutine.
  • Kondig wijzigingen in het programma of de dagelijkse routine tijdig aan en leg deze uit.
  • Zorg dat de leerling plezier heeft in het contact met de leerkracht, zijn medeleerlingen en zijn werk, omdat plezier hebben in wat je doet de belangrijkste bron van motivatie is.
  • Anticipeer op problemen en bereid het kind daar zonodig op voor.
  • Anticipeer op overgangen en nieuwe situaties en help de leerling met de voorbereiding hierop door oplossingsstrategieën aan te leren.
  • Ondersteun de leerling en help deze om de informatie op te nemen door middel van:
    – visuele displays, kaarten, grafieken, diagrammen, klokken.
    – visueel ruimtelijke informatie.
    – het zich eigen maken van de basisrekenbeginselen (door het ontbrekende visueel ruimtelijk inzicht is dit  moeilijk).
    – het visueel leren spellen (de leerling zal fonetisch spellen).
  • Lay-outs en visueel ruimtelijke informatie moeten zo eenvoudig mogelijk zijn.
  • Taken met papier en pen dienen tot een minimum beperkt te worden.
  •  Schrijftaken kosten veel tijd.
  • Laat de leerling een computer gebruiken.
  • Vouwen, knippen en het verwerken van visueel ruimtelijke informatiemoeten begeleid worden.

Terug naar vorige pagina

Literatuur
Van der Gaag, R.J. van der, Verhey, F, en van Doorn, Roeyers, H., Volkmar,
Nonverbal Learning Disorders Association (zie www.NLDA.org)

Meeste tips ontleend aan drs. Annemaaike Serlier-van den Bergh, afkomstig uit het boek “the Source for Nonverbal Learning disorders” van Sue Thompson uitgeverij Linguisystems ISBN 0-7606-0163-1; ziewww.kinderneuropsychologie.nl )